Albert Alberts était un auteur néerlandais dont l'œuvre a souvent exploré le passé colonial et ses répercussions. Sa prose explore les dilemmes moraux et les dynamiques interpersonnelles complexes façonnées par le pouvoir et l'oppression dans ces contextes. Alberts a dépeint avec maîtrise les nuances psychologiques de ses personnages, sondant les profondeurs de la nature humaine sous la contrainte de circonstances extraordinaires. Son style d'écriture se caractérisait par une approche précise et perspicace, révélant les motivations cachées et les structures sociales.
De auteur, voormalig bestuursambtenaar in Nederlands Oost-Indië geeft standpunten over ons koloniaal verleden in Indonesië. Genuanceerd geeft hij de voor- en nadelen van de Nederlandse koloniale overheersing. Er zijn naast vele slechte zaken ook goede dingen gebeurd; naast uitbuiters waren er ook velen met goede intenties. Ook geeft hij een beschrijving van zijn verblijf in vijf kampen van de Japanners.
'Ik leef mezelf in de hoofdpersoon in en vertel dan wat ik noodzakelijk vind. Ik kan goed in een paar woorden uitleggen wat ik bedoel.' Deze korte samenvatting door A. Alberts van zijn eigen werk kon niet karakteristieker zijn! In 1995 werd Alberts de P.C. Hooftprijs voor zijn gehele oeuvre toegekend. Dat was natuurlijk veel te laat (in hetzelfde jaar stierf hij), maar gelukkig nog wel op tijd want tijdens de uitreiking genoot hij er zichtbaar van. En inderdaad: zelden is deze prijs terechter toegekend want Alberts is de onovertroffen grootmeester van de suggestie. Zijn verhalen en romans gaan de honderd bladzijden nooit te boven maar hun gevoelsrijkdom en zeggingskracht zijn zo groot dat je nooit het gevoel krijgt iets te missen. Met al zijn romans in één band, van De eilanden, De bomen, De vergaderzaal, De honden jagen niet meer en Het zand voor de kust van Aveiro tot en met zijn serene laatste roman De vrouw met de parasol , ligt deze buitengewone leeservaring nu voor één keer binnen ieders bereik. Bevat: - De eilanden - De bomen - De vergaderzaal - Haast hebben in september - De honden jagen niet meer - Maar geel en glanzend blijft het goud - Het zand voor de kust van Aveiro - De zilveren kogel - Een venster op het Buitenhof - De vrouw met de parasol
Debuut van Alberts. Het is een bundel korte verhalen, gebaseerd op Alberts' ervaringen als bestuursambtenaar op Madoera. De verhalen gaan over eilanden en de mensen die er wonen. Deze eilanden worden nergens nader omschreven. Ze hebben namen als "ons hoofdeiland", "het meest oostelijke eiland" en "het laatste eiland". De personen worden aangeduid als "mijn chef", "de dokter" en "mijn klerk". Het eerste van de 11 verhalen is de novelle "Groen". Een ambtenaar komt aan op een eiland en wordt daar verwelkomt door een collega. De ambtenaar gaat het bos verkennen, maar bij terugkomst blijken er dramatische zaken aan de hand met de voornoemde collega.
Au XVIIIe siècle, Suzanne Simonin, jeune fille illégitime, est contrainte par ses parents de prononcer ses vœux au couvent pour des raisons financières. En réalité, sa mère espère expier sa faute de jeunesse en enfermant sa fille parmi les clarisses de Longchamp. Là, elle rencontre la supérieure Moni, une mystique qui devient son amie avant de mourir. Un matin, après l'office, la supérieure entre dans la chambre de Suzanne, tenant une lettre. Son visage exprime tristesse et abattement, et elle semble incapable de soulever le document. Les deux femmes échangent des mots sur la santé de Suzanne et la longueur de l'office, mais la supérieure reste silencieuse sur la lettre. Suzanne, bien que tentée de poser des questions, se retient. La supérieure, après avoir évoqué la famille de Suzanne, finit par dire : « Voilà une lettre... » Ce moment crucial souligne la tension entre le devoir et le désir de liberté, ainsi que les secrets qui pèsent sur la vie de Suzanne. La relation entre les deux femmes, marquée par la mystique et l'amitié, se développe dans un cadre où le choix et la contrainte s'opposent, révélant les luttes internes de Suzanne face à son destin.
Sprookjesachtig verhaal over een zonderlinge raadsadviseur die naar het noorden trekt op zoek naar het waardevolle, dat er uit het verleden is overgebleven.
Verslag van de gebeurtenissen in de eerste maand van de Eerste Wereldoorlog, waarin de enorme Duitse aanval door België op Parijs tot staan gebracht werd aan de Marne, welke periode beslissend was voor het verloop van de oorlog.